Maandelijks archief: juni 2014

Grensverkeer

Simi/Griekenland

Het wordt tijd Griekenland te verlaten. De klok tikt door. Afspraken in Turkije en Nederland dwingen ons te breken met de bedrieglijke rust van de baai.

Niet concreet duidelijk welke instanties in welke volgorde afgewerkt moeten worden, even lopen we weer aan tegen de in/uitklaar onhelderheid die zo veel Ports of Entry wereldwijd kenmerkt.

Nauwelijks het politiebureau binnen struikelen we over de mensen. Vooral mannen, liggend, zittend, slapend op dekens vullen ze het volledige voorportaal van het bureau. We zijn duidelijk niet de eerste vandaag.
De gestreste beambte verzoekt ons twee/drie uur later nog eens terug te komen. Teveel stress, te veel problemen op dit moment.

Als we twee uur later ons weer melden ligt er een grote stapel paspoorten op het bureau van de jonge agent. Stuk voor stuk worden ze ingeschreven, vellen vol papier, stempels genoeg.

Syriërs zijn het, op de vlucht voor de chaos, het gevaar in hun eigen land. Ze kiezen een plek om Europa binnen te komen, zo dicht mogelijk bij het Turkse vasteland.

Ik heb me er eerder al over verbaasd, als de helften van een ritssluiting zo dicht liggen de twee landen, continenten hier eigenlijk tegen elkaar aan. Dat daar een ruim informeel grensverkeer loopt is nauwelijks vreemd. Vandaag dus bootvluchtelingen.

De hele dag is het bureau bezig met hun asielaanvraag, wij worden er even tussen door geholpen.

Wat met het gammele smokkelbootje –geschikt voor een tiental passagiers- en de mensen die het transport geregeld hebben en er ongetwijfeld goed voor zijn betaald verder gebeurt, is niet duidelijk. Zeker is dat deze Syriërs naar alle waarschijnlijkheid voorlopig asiel krijgen in Griekenland.

We zijn die avond wat later thuis, de indruk van het gebeuren tikt nog lang door.

Advertenties

Verliefd

Simi/Griekenland

Wij hebben ons hart verloren, zijn verliefd.

Bijna zes weken brengen we door, met af en toe een onderbreking, in de baaien van Simi, ingeklemd tussen Rhodos en Kos. Weken achtereen op dezelfde ankerplek, zacht gewiegd op de lichte deining die binnen komt. Wekelijks even naar de stad aan de andere kant van de heuvel, een cappuccino, wat jurkjes passen, een volle boodschappenkar en verder? Gewoon, dagelijks een brood van de bakker 100 meter verder op de wal, af en toe wat lekkers, wat fruit, een stukje vlees. Tussen de bedrijven door gebruiken we de kano, ieder 30-45 minuten per dag. De conditie vaart er wel bij.

Uren stoppen we door de dag heen in correcties, nog meer correcties en nog een laatste serie correcties, een artikel, een twintigtal blogs, opzetten voor volgende boeken en boekjes en vooral verschrikkelijk veel contacten over de nieuwe boekjes, illustraties en uitgevers. Kortom we hebben niet alleen maar in de zon hoeven zitten.
Ver van de toeristenstromen, het enige hotel in de baai ligt 100 meter achter ons, is het vooral de rust die ons pakt. Alleen zo rond een uur of 16.00 is het wat onrustig, dan verschijnen de charterboten met hun soms onverwacht robuust gedrag.

Wekelijks zien we bij ons bezoek aan de stad de plaats meer ontwaken, het wordt drukker, warmer en vooral de bezoekers worden kleurrijker. Het is soms verbijsterend te zien hoe op iedere pot wel een dekseltje past. Terrassen worden uitbundiger, winkels frivoler alleen de cappuccino, die wordt geleidelijk kouder, slapper en minder vol van smaak.

Met de bus rijdend over het volledige eiland valt het op hoe ruw en bergachtig het is. Tot we plots op een stukje grasland stuiten, een olijfboomgaard voorzien van terrassen om de schaarse regen vast te houden, wat schapen en geiten in een veekraal, een kerkje zomaar te midden van niets.

Het is een oase van rust en sereniteit, het klooster van de Aardsengel Michael, rondom de baai van Panormitis. In bijna gewijde stilte bezoeken we de kapel en de twee musea, net tussen de toeristen stromen door.

Een fascinerend eiland, zo’n rustpunt te midden van het toeristen geweld. Ik hoop dat ze er nog lang voorbij blijven kijken, de touroperators die verantwoordelijk zijn voor de mega mensen stromen. Laat maar lekker terzijde liggen, volgend jaar komen we terug.

Van Slag

Simi/Griekenland

Het weer is van slag. Iedereen praat erover.
Eenmaal voet aan wal op Turkse bodem in 2013 begon vrijwel meteen een zomer die van midden mei tot ver na ons vertrek in september voortduurde. Hoewel af en toe wat warm, een zomer waar geen eind aan kwam. Het zet zich in mijn hoofd als de norm voor dezer maanden.

Nauwelijks dit jaar terug in Turkije, valt vooral het frisse weer me behoorlijk op. Natuurlijk een maand eerder dan in 2013, ik had het kunnen weten. Maar toch, ’s avonds toch maar een truitje meer aan. Af en toe hebben we een dag met meer bewolking, meer wind, regen. Het zal er wel bij horen.

Verwachtingsvol kijk ik uit naar midden mei, toen begon in 2013 toch echt de 25+zomer. Het blijft vreemd fris met, we gaan het bijhouden, iedere vijf dagen een periode vol regen en wind.

Inmiddels is het eind juni, iedereen praat er over. De temperaturen zijn pas sinds een week of twee 25-30+, maar nog steeds iedere vijf dagen een periode van veel wind. We raken er aan gewend, nemen tijdig maatregelen, immers vlagen en rukwinden van 8-9 bf zijn zeker in de nacht niet erg aangenaam. Regelmatig houden we ankerwacht in de nachtelijke uren, slaapt Christien bij de gps zodat het ankeralarm onmiddellijk tot actie leidt.
We leggen ons oor eens te luister bij ervaring Griekeland/Turkije zeilers. Was onze verwachting na 2013 nu zo verkeerd? Overal hetzelfde antwoord. Het weer is dit jaar heel erg van slag. De elke vijf dagen storingszone, de harde wind, het hoort er gewoon niet bij.

Dat wordt wat als straks, eind van de maand/begin juli de Meltemi gaat waaien. We zijn nu in ieder geval alvast eens voorbereid.

Onrust

Simi/Griekenland

Ineens stopt de bus, zomaar midden op straat. De weg wordt geblokkeerd door een grote graafmachine. Druk doende een tong van stenen en grond te verwijderen. Nauwelijks gepasseerd, het verkeer kan er maar van één richting langs, doemt de volgende tong van modder, grond en stenen al weer op. Bizar, wie gaat nu meteen op tien plaatsen tegelijk aan de weg aan het werk? Keien, sommige groter dan een personenauto versperren regelmatig de rijbaan.

We nemen vandaag de lokale busjes naar het inmiddels niet meer door monniken bewoonde klooster van de Aardsengel Michael in Panormitis. Een stevige rit van meer dan een uur enkele reis.

De reis voert over smalle bergwegen en langs diepe ravijnen.
Met de zand en steen hopen nog in het hoofd houden we de zijkanten van de berg naast ons goed in de gaten. Hele stukken loopt de berghelling bijna loodrecht boven ons weg. Telkens opnieuw valt het weer op. Voortdurend liggen er kleinere keien op de rijbaan, regelmatig liggen er verse puinwaaiers naast ons tot op de rand van de weg.

Thuisgekomen zoeken we het op. Nauwelijks enkele uren voor onze rit naar Panormitis beefde de aarde vlak onder ons. 5 op de schaal van Richter.

Sereen

Panormitis/Simi/Griekenland

Het is vroeg in de ochtend, de zon is net op. De klok in de klokkentoren recht voor me slaat zes. Het eerst waarneembaar geluid van de dag. De baai is als een amfitheater.

De ultieme perfectie. Harmonieus en in balans, de klokkentoren, vijf transen hoog, centraal in het midden. Recht voor ons een groot Orthodox klooster, een van de vijf Grieks orthodoxe geloofsrichtingen. Waarschijnlijk een klooster van het Oosters Patriarchaat van Constantinopel. Te samen met de andere Grieks Orthodoxe kerken, een van de vijftien kerken binnen de Oosters orthodoxe kerken

Nog een uur of wat, dan schrijdt de lokale patriarch van het klooster van de Aartsengel Michael, begeleid door klokgebeier te voet naar de ochtendmis. De twee uur durende gezongen mis neemt een aanvang. Over de hele baai draagt het geluid van de voorganger. Een wonderlijke, bijna mystieke gewaarwording. Is het Grieks? Het is moeilijk te volgen, vermoedelijk is het Gregoriaans?

Het is bijna windstil,de nacht was vochtig. De ramen zijn nog toegedekt door de dauw. Uit de heuvels rondom , de opgaande wanden van ons theater dringt langzaam de geur van tijm tot ons door. De kruidigheid van de vroege Griekse ochtend.

Het leven in de baai moet nog beginnen, even genieten we samen nog van de serene rust.

Nog een uur, dan beiert de klok, dan neemt de zondag met al haar mystiek een aanvang voor ons in de baai.

Sahara

Kos/Griekenland

We wassen het dek eens. Nu in het voorseizoen is het water in Kos, hoewel kostbaar, nog niet gelimiteerd. Blinkend schoon, ontdaan van alle modder en zand van de afgelopen 4 weken vullen we ook de watertanks nog bij.
Het is niet te vermijden in deze omgeving, overal waar heuvels en bergen over ons waken moeten we aanvaarden dat een lichte waas van stof en zand ons deel wordt.

De avond begint koud, de nacht is onstuimig. Herhaaldelijk moeten we eruit om de lijnen waarmee we van de wal af worden gehouden strakker te zetten. Pas als we aan de voorzijde ook nog eens een groot stootkussen hangen is de rust, afgezien van de gierende vlagen, gegarandeerd.

De ochtend na onze zo herhaald gestoorde nacht begint bewolkt en kil. Geen ontbijt in de opkomende zon ditmaal.
Er hangt een waas over de ramen. In het opkomend licht wordt het steeds duidelijker.
Eén blik, eenmaal, gelaafd en gekleed, is voldoende. Ons 12 uur eerder zo blinkend gepoetst gangboord lijkt meer op een zandweg in de Sahara dan op een blinkend wit schelpen spoor.

Er zit niet anders op dan opnieuw te beginnen. Nog meer water, nog meer schrobben, zelfs een veger en blik zou niet misstaan.

Af en toe heb je dat, zo’n gigantische miscalculatie, zo’n zandstorm over je dek. Hoort erbij zullen we maar zeggen. Gelukkig treft het ons hier, met een waterslang binnen bereik. Je moet er niet aan denken dat je dit in een baai overkomt. Dat je eerst de stoep moet vegen voor er water bij komt.

Cemsto

Kos-Griekenland

03.00 in de nacht. Het schuifluik op een van onze buurboten wordt heen en weer geschoven. Met veel geklos en gepraat lijkt het wel of de voltallige bemanning aftaait. Koffers worden heen en weer geschoven. Het vliegtuig van 04.00of 05.00 moet kennelijk nog worden gehaald. We zijn klaar wakker. Kort daarvoor kwamen de andere buren net terug uit de stad. De nacht is kort zo tussen alle storingen.

De volgende ochtend ligt de steiger er vredig bij. Talloze verlaten schepen zijn inmiddels weer efficiënt overgenomen, monteurs voor nieuwe accu´s en onderdelen, versleten bijboten, defecte wc´s. Her en der ligt een nieuwe zeilzak. Terug van reparatie of voorlopig even een ander zeil?

Kos kent enkele tientallen charterbedrijven, allemaal volgens een gelijk concept. Jachten met het maximale aantal kooien en gasten, iedere week een nieuwe lading, iedere week weer een nieuwe groep die gebruind of gedesoriënteerd huiswaarts keert. Je huurt ze met schipper, of gewoon per kooi. Ruimte voor je hele familie, je vrienden noem maar op.

Overal over de betonnen pier wemelt het van de zakken vuile was, stofzuigers en emmers vol schoonmaak gerij.
Het is een efficiënt bedrijf. Dagelijks wisselen charterjachten van bemanning, worden hersteld, gereinigd en gedemonstreerd. Een permanent doorlopende dienstverlening, iedere dag weer.

Toch, het is voor ons op eigen reis en zeilkantoor wel even wennen. Die dagelijkse afscheidsborrels, het middernachtelijk vertrek, de schoonmaak de volgende dag –niet begrijpend dat als je het dek afspuit het water bij de buren door de luiken naar binnen gutst. Het is wennen die dagelijkse demonstratie van de boot aan de nieuwe huurders –kunt u de giek vastzetten als u het grootzeil hijst, het scheelt het slaan tegen onze mast en verstaging? Het blijft ook wennen zo’n leeggespoelde toilettank naast je boot.

Nee, geef ons maar de rust van een ankerbaai. Morgen gooien we onze lijnen weer los.

Mei

Simi/Griekenland

Alsof de toverlantaarn wordt ontstoken. Met stijgende verbazing ondergaan we de verandering van de illusie, het veranderende beeld om ons heen.

We liggen inmiddels 14 dagen in de baai van Pethi, net over de heuvel bij Simi”stad” op het gelijknamige Griekse eiland. We horen bijna al tot de vaste bewoners, de veerbaas groet als hij langs vaart, een paar andere jachtbemanningen die hier ook van rust en Griekse ambiance genieten steken herkennend hun hand op. Zelfs de wekelijkse bevoorradingsboot vormt al een vertrouwenwekkend beeld.
20 mei, het is alsof ineens het licht is aangedaan, alsof de terrasstoelen weer van elkaar worden gehaald, alsof het wintervuil terzijde is geschoven.

Het restaurant tegenover ons is in de avonden nog gesloten. We lopen er een van de eerste dagen eens langs. We liggen een dag, als we plots een winkeltje ontwaren. De naam wordt net op de gevel gezet. Dagelijks gaan we er even binnen, een vers brood, wat lekkers bij de koffie. De baklava, ze bakt ze zelf, gaat nog niet hard. Een bakplaat een week, met zoveel suiker erin geen probleem.
De temperatuur slaat om,vijf graden er zomaar bij, bikiniweer breekt aan. De dagelijkse kanoroutine schuift van wetsuit naar bovenstukje.

In de baai verschijnen de chartervloten, eerst een enkele, een paar dagen later moeiteloos zes boten in een vloot.
Ruim twee weken in een baai, we raken er aan gehecht –en corrigeren tegelijkertijd een heel boek, lezingen teksten, een kinderboek, wat blogs en een reisartikel- als een van ons in het winkeltje verschijnt, worden we herkend. Twee weken, een slaperig eilandje ontwaakt en bloeit op als toeristische bestemming. De voorzichtige zwemmer maakt plaats voor een dagelijkse stroom toeristen en hotelgasten in zee en op het strand.

Eind mei. Het beeld wijzigt, de gemeenschap ontwaakt.

Lichtreclame

Simi/Griekenland

Vol gruwel zie ik voor me een charterboot bezig zijn anker in de grond te werken. Na een kwartier is de voorstelling nog niet voorbij. De boot is ons inmiddels al drie keer opnieuw gepasseerd, een geweldige ruif met hooi siert inmiddels het anker. Als een Zuiderzeeboer die alvast begonnen is de grond voor het droogvallen te ploegen.

Zouden er op Marktplaats ook van die verkeersinformatieborden worden aangeboden?

Iedere middag opnieuw werkt de chartergemeenschap zich weer zo in de nesten. Tenminste met zo’n bak hooi op je ploeg, een ooievaarsnest waardig, mag je toch daar toch wel zo over spreken.
Hoe zou een charterbemanning op haar zeilweek voor worden bereid? Een klein beetje theorie voor het geval dat tijdens de les niet in de hersencellen is achter gebleven.

Met een gemiddelde bootlengte van een meter of 15 –maxiboot voor een budgetprijs dacht ik op zo’n romp te lezen- kun je al snel een opvarende of tien een slaapplaats bieden. 15 meter, drie maal de ankerdiepte, maakt dat bij 10 meter diepte de boot toch snel, inclusief de ketting een vrije cirkel van 80-100 meter nodig heeft. Gelukkig draait ieder ander schip doorgaans op de wind wel mee, anders zou een baai snel vollopen. Tot de wind weg valt en iedere boot zijn eigen weg gaat kiezen, dan is het feest compleet.

Ankeren is een sullige vorm van arbeid, niet iets voor gespierde jongens, zelfs in een wit rokje kan het nog. Vaar de boot naar het beoogde punt en leg haar stil, gewoon stil. Laat het anker vallen en wees blij als de wind de neus van de boot oppikt en weg begint te duwen. Ga al die tijd door en door, haal je vinger niet van de knop. Pas als de verreisde 3x ankerdiepte is bereikt –gaat rustig door tot 5x, maar zoveel ketting zit er doorgaans niet bij de boot- en haal dan pas je vinger van de knop. Laat de boot maar lekker drijven. Pas als de ketting strak staat en de neus in de wind komt er pas weer wat aktie om de hoek kijken.
Zet maar voorzichtig achteruit en strek de laatste kronkels ketting uit. Nauwelijks verrassend, maar de boot ligt na een tijdje weer stil. Voer dan het toerental op, stapje voor stapje en niet met een grote ruk. Een dwarsscheepse peiling –gewoon dwars over de boot. langs de beide wanten even naar een punt op de wal kijken- laat zien dat de boot nog steeds op dezelfde plaatst ligt.

Simpel en vooral handig, zo kun je in een keer slagen en meteen naar de taverne op de wal. Daarvoor had je dat witte rokje al aan.
Ik twijfel nog, iedere dag genieten van al het gedoe, of dat Rijkswaterstaatbord met aanwijzingen op het dek, kan ik s ’nachts van mijn slaap genieten.