Maandelijks archief: juli 2014

Geweld

Marmaris/Turkije

We liggen nog maar nauwelijks op onze plek als een massief getoeter ons uit ons relaxt “he,he, we zijn er” gevoel rukt. Een massieve gulet komt met volle kracht op ons af en laat al zijn ankerketting uitlopen. Dit is niet meer subtiel. Al zeker honderd meter eerder is het anker er in gegaan. Het lijkt wel of het anker er volluit ingetrokken moet worden. Vlak bij ons stopt het geweld; gelukkig naast en niet boven op.

Voorzichtig wordt teruggevaren naar het begin punt. Zou de schipper nu toch spijt krijgen van dit machogedrag. Heen en weer stekend wordt de gulet gedraaid. Op de grote loopplank vanaf de spiegel voltrekt zich een nieuw heldenstuk. Een van de “echte” mannen aan boord, er is er altijd wel een die zich daarvoor leent, staat alsof hij zich klaar maakt voor een sprong van de “hoge” klaar met een touw om zijn borst. Even denk ik nog getuige te zijn van een in de middeleeuwen verboden lijfstraf, te weten het kielhalen “voor langs”.

Met een ruk ligt de inmiddels weer achteruitgevaren gulet stil. De man op de springplank –de plank zwiept vervaarlijk- wordt als uit een katapult gelanceerd. Met een Robinson Crusoë waardige zwemslag werkt hij zich over een afstand van zeker honderd meter naar de kant en klimt op de scherp uitziende rotsen. Met een grote lus wordt de lijn om een rots gelegd. Aangehaald houdt de lijn de gulet tussen anker en rots op zijn plaats.
Gulet; de Turkse-zuidkust is bijna niet zonder deze hotelschepen voor te stellen. Geen baai, zonder de schepen, ooit konden ze nog zeilen, nu dragen de masten en gieken nog slechts zeilen voor de schaduw aan dek. Af en toe komen we nog wel een zeilende gulet tegen; heel af en toe, vermoedelijk tegen een hogere prijs. Baai na baai ligt vol met de gulets samen met de dagboten, de kurk waar de varende toeristenindustrie hier op drijft.

Ooit was de naam gulet gereserveerd voor de schoeners van de Turkse zuidwestkust; vissers en handelsvaarder sinds decennia. De oude zeilende gulet is bijna uitgestorven, nu is er alleen nog de nieuw gebouwde kopie van mahonie, rond de 25 meter. Ze kunnen bijna niet meer zeilen, de dieselmotor kwam hiervoor in de plaats.

Bij zonsopkomst, het vroegste ontwaken, is de baai leeg. Een enkele gulet is in de nacht bijgekomen, een enkele blijven liggen; het merendeel heeft het anker alweer gelicht, tijdig op weg naar de volgende baai. Tot 10.00 uur, de eerste koffie is op. Met veel getoeter en geweld dringen de dagboten binnen, samen met de binnenvarende gulets, een gevecht voor de haantjes. Met een scherpe ruk aan het stuur ontwijken ze elkaar, verdringen elkaar uit het impliciet territorium.

Een uurtje zwemmen, eventueel een bbq en dan gaat de tocht weer verder. Het is een komen en gaan, iedere dag, ieder uur staan de stukken weer anders op het bord. Wie verdringt wie, wie neemt de plaats weer in, hoe ziet de ordening voor de avond er weer uit.

De belangrijkste vraag is natuurlijk. Wie ligt er nu weer op ons anker, hebben ze onze lijn wel gezien.
Het blijft een schouwspel iedere dag; maar relaxt?

Advertenties

Verdediging

Dordrecht

Kijkend naar mijn laatste anderhalf jaar denk ik dat ik al vliegend over de wereldbol een echte grensoverschrijdende specialiste ben geworden. Tenminste als je me ziet als specialiste in misleiding en twijfelachtige grenspassages.

Uitpuffend van onze vliegreis vanuit Turkije zakken we even weg op de bank terwijl we het 20.00 uur journaal bekijken. Nederland gaat zijn grenzen op Schiphol nog beter beveiligen en bewaken. Opgelucht haal ik adem; oef, net op tijd binnen.

Vanaf begin januari 2013 leef ik niet alleen als vrouw, maar reis ook als zodanig. De laatste trip vanuit Turkije zelfs in een jurk; het was warm dus waarom niet? Ook de andere keren, met hoofddoek of nieuw kapsel presenteerde ik me als op en top als vrouw.
Er was alleen één bijzonderheid. Al die keren reisde ik op mijn paspoort als man, in 2013 ook nog met een overduidelijke mannenfoto, in 2014 welleswaar met vrouwelijke foto, maar nog steeds met die duidelijk leesbare M/M op mijn ID.
Maar één keer ben ik kort tegengehouden, in Quatar, toen ik toch iets van mijn hoofddoekje op moest lichten om mijn hoofd beter op de foto te laten lijken. Alle overige 27 keer ontbrak iedere reactie.

De grenzen moeten beter worden beveiligd, hoor ik. Ik zal er geen geheim van maken dat ik met mijn 28 grenspassages dit alleen maar kan beamen, want feitelijk is het te zot voor woorden dat ik even zo vele malen een bodyscan passeer zonder dat een alarm afgaat omdat de verkeerde onderdelen zichtbaar zijn, of een grens passeer met zo’n zo op het oog afwijkend voorkomen ten opzicht van mijn identiteitspapieren.

Inmiddels kan ik reizen met mijn gloednieuwe paspoort, de inkt is nog vers. Lijk ik tenminste weer op wie ik ben.

Te Warm

Marmaris/Turkije

Ai, mijn blote voeten straffen me af. Onnadenkend ben ik over het dek naar voren gelopen. Als een fakir in opleiding strompel ik terug, duidelijk nog niet bedreven in het onderdeel hete kolen.

Het is een goede Nederlandse gewoonte dagelijks over het weer te klagen, ik wil daarvoor niet onderdoen.

Dagelijks wordt onze boot wat groter, de temperatuur drijft haar uitzetting grondig op. Vandaag in de stad is het 45 graden. Bij ons aan boord, onder de schaduw van de bimini gelukkig 38, het moet niet gekker worden. Met ventilatoren en zoveel mogelijk afgesloten ramen proberen we de temperatuur wat dragelijk te houden. Alleen s’nachts dan koelt het nog iets terug.

Eindelijk steekt de wind op, ontstaat er een verkoelende bries.

Heeft de Meltemi toch nog voordelen, is er toch nog iets om naar uit te kijken.

Pieren

Marmaris/Turkije

Heel langzaam beginnen onze normen te verschuiven. De drukte neemt week na week toe. De twee belangrijkste toetspunten? Wat blijft er over van mijn privacy. Wie bedreigt mijn anker en ketting?

Met weemoed gaan we in gedachte terug naar de Pacifische baaien, een enkele medeankeraar, en de Patagonisch kloven in de rotsen, waar we soms wel wekenlang helemaal alleen lagen.

Kijkend naar tijd sloop de drukte er geleidelijk in, ongemerkt. Een enkele medestander in het begin, bij de dageraad vaak al weer verdwenen. Naderhand bleef ze liggen, nog later werd het een sport het patroon van ankers te begrijpen.

Ik denk dat het keerpunt gelegen heeft op het moment dat een gehuurde catamaran ons anker tijdens hun gestuntel lostrok. Net aan boord teruggekeerd uit de stad konden we gelukkig het anker snel weer herstellen en het opnieuw vasttrekken.
Naïef, of goedmoedig?, als we waren gaven we in het begin langszij ankerende jachten nog aanwijzingen waar ons anker, onze ketting ongeveer zou kunnen liggen.

Van aanwijzigen gingen we ons al snel onthouden. Te veel deuken in ego’s van anderen. Nee, de behoefte aan control verschoof zich al snel naar bewaken van het vertrek. Menig jacht verliet de ankerplek door vlak langs ons heen subtiel manoeuvrerend onder onze kritische blik het anker van zijn rustplaats te lichten.
Opgelucht wenden we ons af als buurmans anker weer boven water was zonder ons van onze plek te stoten.

Het is inspirerend, of is het vermakelijk? te zien wat het eerste is dat een bemanning doet als ze het veilige ankerpunten hebben bereikt. Dat ze doorgaans nalaten als eerste het anker in te trekken heb ik elders al eens beschreven.

Menig bemanning werpt binnen enkele minuten de bijboot in het water en vertrekt naar de kroeg. Een oud zeemansgebruik, zeker gezien de absolute oververtegenwoordiging van mannen op de ons omliggende boten. Een tweede groep springt als eerste in het water, de kennelijke noodzaak af te koelen van alle inspanning volgend. Dat ze daarna op maar enkele tientallen meters afstand uitgebreid beginnen met hun spiernaakt was ritueel laten we maar even zitten. Je hebt niet ieder dag een vrouwen boot op zo’n korte afstand naast je.

Het mooist maakt de man, wederom een Dellaware boot, die na een ruige zeiltocht als eerste op het achterdek vlak naast ons met dumbles z’n sixpack bijgaat werken.

Is het een bewijs dat de baai nog niet vol genoeg is? Is het een bewijs dat hoe dicht je ook op elkaar ankert, je door wind en stroming toch altijd los van elkaar blijft bewegen? Of hadden we gewoon geluk? Feit is dat ondanks honderden geankerde jachten, we er ondanks winddraaiingen geen een op aanraak afstand van ons hebben aangetroffen.

Onze normen zijn duidelijk verschoven, ons gevoel voor privacy en interpersoonlijke ruimte heeft een flinke duw terug naar het middelpunt gehad. Als pieren in een potje. Nog een paar keer en we voelen zelfs in een jachthaven nog ruimte, voelen ons nog niet in de credit card gekeken.