Maandelijks archief: juli 2015

Repellent

Nauwelijks vier uur in de middag, boven de poolcircel is het daglicht zomerdag nog lang niet uitgedoofd, duikt om ons heen iedereen weg in de kajuit. Ramen en deuren gesloten. Zonde van de mooie aankomende avonturen denken we nog. Naief, moet ik er wel bij zeggen. Nauwelijks bekomen van onze verbazing over dit vroege einde van de dag ziet het ineens zwart van de muggen. Voor de luiken ook bij ons gesloten zijn zitten de muggenbultjes inmiddels tot ver onder mijn hemd.

Wie ver reist, sleept kennelijk ook een hoop insecten met zich mee; ieder land zijn eigen soort. Na de plaag van de Nieuw-Zeelandse Sandflies hebben we ons lesje aardig geleerd. De boordapotheek groeit er gestaag bij. Geen middel dat echt afdoende helpt. Rondrijdend door Nieuw Zeeland kochten we ieder soort middeltje tegen de sandfliesbeten. Ieder dorp had zo z’n eigen product. Met alleen Azaron, de Deet en de Anti-histaminicum zalf redden we het niet.

Varend langs de Turkse kust overkomt ons hetzelfde. Al bij de eerste ochtenduren nemen de steekvliegen bezit van ons. Tot we bij de kassa van de lokale supermarkt weer een flesje tegen komen. Drie flesjes later zijn we eindelijk het gebied van de steekvliegen weer uit. De rode bultjes nemen er wat meer tijd voor.

Aangekomen op de Camargue is het het eerste dat we bij de kassa ontwaren “Anti-Moustiques Corporel; Special Camargue”. Toch maar even bij de boodschappen gezet; je weet maar nooit.

Advertenties

Contrast

Het is al laat als we na het laatste feeërieke baaitje, de Rade de Foz, een van de mondingen van de Rhône, in draaien. Plots, alsof een lichtknop wordt omgedraaid verandert het landschap. In een middag tijd schuiven we van grillige rotspartijen en schilderachtige baaitjes, langs duinen en zandstranden, badend in het laatste avondlicht, een wereld binnen van tankers en raffinaderijen, van energiecentrales en angstig gekleurde luchten vol luchtvervuiling. De AIS maakt overuren zoveel schepen rondom ons heen bewegen zich of liggen loom achter hun anker, wachtend op de volgende dag.

Nog geen dag later gaan we weer door, onze eerste mijlen aan de rand van de Camargue.

Wuivend riet, roze gekleurd door een eenzame flamingo, spreek ineens weer een andere taal. Vissers staan kniediep vlak naast de vaargeul, een verstilt landschap strekt zich om ons uit. In de verste verten slechts nog de grote industrie, haar geluid weer verstomd.

Geel

Het is nog voorjaar, een nieuwe maand is net begonnen. Op een ochtend wordt de rust op de ankerplaats verstoord door een lokaal vaartuig, een laadbak, vol met boeitjes; gele. Terwijl de laadbak rustig voort gaat wordt iedere vijftig meter een gele boei uitgezet. Als klein duimpje en z’n broodkruimeltjes ontstaat een lint van badeendjes voorlangs onze ankerbaai.

Wat angstig voor een moeilijk gesprek met de gendarmerie stort ik me op internet om de nieuwste regels voor dit natuurreservaat te lezen. Over de gele boeien niets.

De volgende dag herhaald de boeienlegger het spektakel opnieuw, dichter langs de strandkant dit keer. Als de middag weer een nieuwe zonemarkering oplevert, ditmaal nog kleinere met een lijn er tussen –zwemstrand- vind ik het genoeg.

De volgende ochtend lichten we het anker, de zon is pas net op.

Het is bladstil. Het is als of ik een spiegel doorsnijd, keurig meter voor meter ligt mijn ankerketting voor me uit gestrekt. Als een mes door de boter, schakel voor schakel wordt binnen gehaald. Met spijt in mijn hart verlaat ik onze laatste ankerplaats deze reis. Milieuregels leggen het ankeren steeds meer aan banden. Welke regels hier nu zijn gaan gelden met het begin van de maand weet ik niet. Hoewel met onze vuilwatertank en zonne/windenergie zullen we nog wel aan de Natura 2000 regels voldoen.